Sander Groen | Reisjournalist
Voorpagina > Reisreportages > Noord-Amerika > Verenigde Staten > Miami

Reizen Magazine | november 2010
Sexy Miami
Deel dit artikel op

Kaartje

Foto's

Deco District

Eye candy voor liefhebbers van moderne architectuur: in South Beach staan zo’n achthonderd hotels, restaurants en bars bij elkaar in pastelkleurige en neonverlichte art-decostijl. De mooiste vind je op Ocean Drive (o.a. The Breakwater op nummer 940, The Colony op 736 en Park Central op 630), Collins Avenue (Essex House op 1001, The Marlin op 1200, Jerry’s Famous Deli op 1450) en Washington Avenue (The Astor op 956, The Chelsea op 944). De ‘art-deco-VVV’ verzorgt rondleidingen, verkoopt een plattegrond met wandelroute en verhuurt audiogidsen. Art Deco District Welcome Center, 1001 Ocean Drive

Even naar Cuba

Little Havana is op z’n feestelijkst met Viernes Culturales, de laatste vrijdag van de maand. Ook op andere dagen is de wijk bezoekwaardig; het leukste deel van Southwest 8th Street, beter bekend als Calle Ocho, is aan weerszijden van het Tower Theater. Voor verse handgerolde sigaren naar El Rey de los Habanos (1120 SW 8th Street), voor een stevige lunch van geroosterd speenvarken met karrenvrachten knoflook naar El Exquisito (1510 SW 8th Street) en voor een straf bakkie café Cubano naar een van de vele raamloketjes.

Het vasteland

Het leeuwendeel van de bezoekers verblijft op het eiland Miami Beach en zet geen stap op het vasteland. Toch zijn er naast Little Havana nog wel wat wijken een uitstap waard. Sla Downtown Miami maar over en rij door naar Coral Gables, een mediterraan stadje in Miami met als pronkstuk de Venetian Pool – misschien ‘s werelds mooiste openluchtzwembad. Coconut Grove is een pittoresk wijkje met baaizicht, winkelstraten en caféterrassen, plus Villa Vizcaya in een weelderige tuin in Italiaanse stijl. In het Design District moet je zijn voor interieurwinkels, kunstgaleries en hippe loungebars, en voor Enzo Enea Rainforest Garden, een openbaar parkje dat zo uit de Wallpaper lijkt te komen – volgens de Miami New Times de beste plek voor een picknick.

Miami Praktisch

Hoe kom je er?
Er gaan geen rechtstreekse vluchten meer naar Miami; je komt er met één overstap. De ticketprijzen variëren enorm per periode; reken op € 350 tot 950 voor een retour all-in met bijv. KLM, Air France, BA, Delta of US Airways. Vliegen op Fort Lauderdale kan ook; daarvandaan is het een uur rijden of treinen naar Miami.

Reispapieren
Houders van een Nederlands paspoort hebben geen visum nodig, maar wel een ESTA (Electronic System for Travel Authorization), die gratis online kan worden aangevraagd. Meer info op de website van het consulaat in Amsterdam.

Lokaal vervoer
Openbaar vervoer is slecht georganiseerd; er is bijvoorbeeld geen bus die rechtstreeks van het vliegveld naar South Beach rijdt, dat gaat gepaard met gedoe en overstappen. Neem liever de SuperShuttle (gedeeld, $ 19) of een taxi ($ 32, vaste prijs). Reken voor een compacte huurauto op ca. € 120 per week. Verblijf je alleen in South Beach, dan is een huurauto niet nodig, want dat is prima te voet te verkennen.

Beste periode
Het orkaanseizoen duurt van juni tot november met het zwaartepunt van half augustus tot half oktober. Het hoogseizoen (23-27° C) loopt van januari tot april; bijtijds boeken aanbevolen. Het prettigst is het voorjaar, met een graad of 28 en weinig regen.

Designhotels
The Delano, op het hoogbouwrijtje in het verlengde van Ocean Drive, is een door Philippe Starck ingericht vijfsterrendesignresort met minimalistische kamers en suites, een enorm zwembad, hemelse spa en prachtig privéstrand. 2pk va. $ 330
The Raleigh wint de hoofdprijs voor Miami’s mooiste zwembad; een golvend art-decopronkstuk van architect L. Murray Dixon omringd door palmbomen, dagbedden, ligstoelen en parasols. Een oase van rust. 2pk va. $ 250
The Pelican komt uit de koker van het hippe jeansmerk Diesel, huist in een gerestaureerd art-decogebouw aan het levendigste stuk van Ocean Drive en elk van de dertig kamers is anders, van Power Flower tot Optique Diabolique. 2pk va. $ 155
The Betsy is een buitenbeentje aan de met art deco overladen Ocean Drive. Het neokoloniale paleisje werd uitbundig verbouwd en afgelopen zomer heropend, eigentijds ingericht met de nadruk op huiselijk comfort – goed gelukt; stap over de drempel en je voelt je meteen thuis. 2pk va. $ 250
The Standard staat niet in South Beach, maar is een heuse hideaway op een piepklein eilandje in de baai. Even weg van de drukte van Ocean Drive en lekker luieren aan het zwembad met baaizicht en pool service of bij een hemelse spabehandeling. 2pk va. $ 160
• Geheimtip: The Strand Ocean Drive prijst zichzelf aan als hip designhotel, maar daar valt wel wat op af te dingen. Contemporain en comfortabel is het zeker; de lobby is precies zo piepklein als de kamers reusachtig zijn; heuse suites met woonkamer, slaapkamer en complete keuken. Er is een zonnig dakterras met zwembad en zeezicht en ook op het strand staat voor elke gast een ligbed en parasol klaar. En dan de locatie, die kan niet beter: verdeeld over vier aanpalende panden aan Ocean Drive, right where the action is. Prima prijs-kwaliteitverhouding. Suite va. $ 180

Eten en drinken
News Café was de favoriete ontbijtstek van Gianni Versace, met een prettig terras. 24 Uur per dag kan hier worden ontbeten; prijzig maar prima, keus te over en de cappuccino is dolce. Hoek Ocean Drive/8th Street
• Voor tafeltjes aan het water, een stevige steak, voorbij dobberende cruiseboten en mooie zonsondergangen naar Smith & Wollensky op het zuidelijkste puntje van South Beach in SoFi. South Pointe Park
Joe’s Stone Crab is een instituut. Niet nadenken maar blind bestellen als je hier tussen half oktober en half mei bent; dat is het seizoen voor de bekende Floridiaanse zwarte steenkrab – pas op dat je je vingers er niet bij opeet. Reserveren is niet mogelijk; kom op tijd of sluit aan in de rij. 11 Washington Avenue
• Hét adres waar Italianen in Miami Italiaans eten is Quattro, een picobello gedesigned restaurant met gastronomisch verantwoorde kaart, eindeloze wijnlijst en een prima terras aan Lincoln Road. De kaart vermeldt geen prijzen, dan weet je wel hoe laat het is. 1014 Lincoln Road
• Aan de overkant zit het nog steeds hippe, maar wel meer informele en betaalbare broertje van Quattro: Sosta serveert Italiaanse pizza’s met die krokánte bódèm, precies zoals Mario ze graag ziet. 1025 Lincoln Road

Meer informatie
De VS heeft geen verkeersbureau in Nederland. Lokale VVV: Greater Miami Convention & Visitors Bureau, 701 Brickell Avenue, Downtown, tel. 001 305 539 3000
Dankzij de kwakkelende dollar kost een vliegretour nog maar 400 euro en volgens de Amerikanen zelf is het ’s lands meest sexy stad. Shoppen, eten, zonnen en feesten alsof morgen niet bestaat: nu naar Miami!

‘Tonight’s gonna be a good night,’ zingen de Black Eyed Peas via de speakers van de Palace Bar op Ocean Drive. Ik zit aan een tafeltje onder een palmboom aan een hartig ontbijtje van roerei met bacon en gebakken aardappeltjes bij een Budweiser. Misschien wel de beste plek van Miami om mensen te kijken, dit terras: tussen de tafeltjes door slentert een oneindige stoet van jongens op slippers met gebronsde bovenlijven en meisjes in hotpants en nikserige topjes, afgewisseld door af en toe wat roodverbrande Britten en verbaasde Japanners.

Naast me schuiven over het asfalt de Ferrari’s en Lamborghini’s voorbij tegen een decor van wuivende kokospalmen. Daarachter zie ik een honderd meter breed en kilometerslang suikerwit zandstrand vol parasols en ligbedjes, met erop nog veel meer van die jongens in shorts en meisjes in topjes, die onder een glinsterende laag sunblock liggen te zonnebakken, met een pitcher binnen handbereik en uitzicht op de zacht ruisende azuurblauwe Atlantische Oceaan aan de ene en de pastelkleurige art-decopaleisjes van Ocean Drive aan de andere kant.

Getuige de tussen twee palmbomen opgeknoopte regenboogvlag en de slogan op de menukaart – ‘Every queen needs a Palace’ – is dit dan wel een homobar, maar er zitten net zo makkelijk heterostelletjes en gezinnen met kinderen op het terras. Ik ben dan wel in the Deep South, maar Miami is zo tolerant als New York City – alleen een stuk zonniger. Niemand die er gek van opkijkt dat ik hier om twee uur ’s middags nog zit te ontbijten. Dit is de partyhoofdstad van de VS, een sun-drenched, fun-filled tropical playground, speciaal gebouwd met één doel in gedachten: lol maken.

Little Havana
Gisteravond arriveerde ik in Miami, maar geen tijd voor jetlag. Op naar Little Havana, de wijk waar duizenden voor Castro gevluchte Cubanen zijn neergestreken. Spaans is er de voertaal en het wemelt van de doorrookte sigarenfabriekjes, platenzaken waar salsa en merengue op volle toeren uit de stereo-op-tien knallen en restaurants met enchiladas, carne asada en de onvermijdelijke frijoles op de kaart. De geur, de geluiden en het klimaat van Cuba – nog maar net in de VS en ik voel me al helemaal thuis in klein Havanna.

Eens per maand, en laat dat nou net vanavond zijn, is het Viernes Culturales ofwel Culturele Vrijdag. De deuren van de verweerde panden aan Calle Ocho, replica’s van de huizen die de vluchtelingen op Cuba moesten achterlaten, zwaaien wijd open en toeristen zijn welkom in de sigarenwinkels, cafecitos en kunstgaleries die transformeren tot hapsnap-minidiscotheken a lo latino. Ook op straat is het feest: marktkraampjes verkopen guayaberas en panamahoeden, nostalgische Cubaanse schilderijtjes en allerlei tropische zoetigheid, en op bijna elke straathoek treedt een bandje op en wordt er de rumba gedanst.

Eén clubje mokkakleurige bejaarde mannen trekt zich niets aan van alle rumoer: op een pleintje dominoën zij onverstoorbaar door, bij een piepklein kopje Cubaanse koffie en in de mondhoek een cohiba zo dik als een babyarmpje. Ik haak aan bij de drom toeristen voor de deur van het historische Tower Theatre. Ze wachten op stadshistoricus Dr. Paul, zeg maar de Geert Mak van Miami, die elke Viernes Culturales een gratis rondleiding geeft. Anderhalf uur later ken ik de wijk als mijn broekzak en stort ik me met een mojito in het aanzwellende straatfeest. Het blijft nog lang onrustig in Little Havana.

Sexy stad
Wijken op het vasteland zoals Little Havana, Coral Gables en Coconut Grove zijn een bezoek waard, maar Amerikaanse en buitenlandse toeristen brengen hun tijd vooral door op het zonovergoten rifeiland voor de kust: Miami Beach. En dan bij voorkeur op South Beach of SoBe, het stuk van de 1e tot de 25e Straat met de beste hotels, lekkerste restaurants en hipste bars en restaurants van de stad plus ’s lands mooiste strand – dat is dan wel opgespoten, jaarlijks rukt het leger uit om à raison van dertig miljoen dollar het in zee gespoelde zand aan te vullen, maar toch, mooi is het.

Miami Beach was een zandbank met een mislukte kokosnotenplantage, totdat ene John Collins, een quaker uit New Jersey, een brug bouwde – destijds de langste houten brug ter wereld. In no time werd het eiland volgebouwd met hotels in de stijl die in Europa in de mode was; art deco. De palmbomen stonden er al, het strand werd aangelegd en voilà, een eilandparadijs was geboren met alle dagen mooi weer. De rest is geschiedenis: volgens de Amerikanen zelf is niet San Francisco, Las Vegas, Los Angeles of New York maar Miami de meest sexy stad van het land.

The Strand heet mijn hotel pal aan de beroemde boulevard van South Beach, Ocean Drive. Atlantisch zeezicht zover het oog reikt vanaf het dakterras en vanuit mijn suite kijk ik zo in de voortuin van de villa van wijlen Gianni Versace, waar dag en nacht toeristen in de rij staan voor een Kodak-fotomoment met de vergulde medusa’s in het smeedijzeren hek. Hiervandaan is het een paar passen naar de mooiste art-decogebouwen, aan weerszijden van het Colony Hotel. Nooit in Miami geweest en toch komt het bekend voor? Klopt: het neonverlichte rijtje glijdt voorbij in de openingsscène van de VPRO-serie Dexter.

Miami Vice
Als we Dexter, maar ook CSI Miami en Miami Vice moeten geloven, is Miami Beach een broeinest van drugsbaronnen, serieverkrachters en koelwagenmoordenaars. Ten tijde van Miami Vice klopte dat: begin jaren 80 is Miami de moordhoofdstad van de VS. South Beach is verlaten en vervallen en de leegstaande art-decohotels worden benut door drugsbendes om deals te sluiten. Maar daar zijn Sonny Crockett en Rico Tubbs, die met veel piefpafpoef orde op zaken stellen en de boeven inrekenen. De kogels vliegen je om de oren in de eighties – toch geen imago waar een VVV trots op is, zou je denken.

Gek genoeg zorgt juist Miami Vice voor de revival van South Beach. Behalve moord en doodslag laat de serie ook de mooie kant van Miami zien: gestroomlijnde architectuur, wuivende palmbomen, snelle speedboten, roze flamingo’s, tropische eilanden, zwoele nachten en sexy mensen. Ineens is SoBe de place to be. Modeontwerpers, fotografen en modellenbureaus verhuizen van New York naar Miami met een stoet celebrity’s in hun kielzog, art-decohotels worden opgeknapt en heropend, de toeristen volgen en Miami Beach is back in business.

Frantic, zo laat Ocean Drive zich nu het best omschrijven. Bij The Clevelander wordt in de openluchtdiscotheek rond het zwembad gedanst onder de palmbomen, op de terrassen van The Penguin en The Pelican wordt tot diep in de nacht gedineerd en bij talloze bars proberen proppers passanten naar binnen te lokken, waar het altijd happy hour is. Zo kom je vanzelf in de party mood en beland je vroeg of laat, waarschijnlijk laat, in een hippe lounge of club als Mansion of Mokai – wie weet zelfs op het vipdek. Je bent in Miami een beetje mal als je níet uitgaat alsof morgen niet bestaat.

Scrubben en bubbelen
Om al dat gefeest vol te kunnen houden, moet er ook worden ontspannen – in de spa. Per yellow cab zoef ik over de Venetian Causeway, langs Star Island met de villa’s van Liz Taylor, Madonna en Gloria Estefan, naar Belle Isle. Daar staat The Lido, een monumentaal spahotel uit de jaren vijftig van architect Morris Lapidus, dat vier jaar geleden heropende als The Standard. Niks standaard aan The Standard, wat verbeeld wordt door het logo dat op zijn kop staat. Mobieltjes uit graag; hier wordt onthaast en ontspannen in serene rust; het enige geluid wat hier klinkt is het geflipflop van de slippers van hotelgasten in badjassen.

De spafaciliteiten zijn fantastisch, dus trek er gerust een volle dag voor uit. In de spa van The Standard kun je kiezen tussen volledig verzorgd of doe-het-zelf: zweten in de cedersauna, op het warme marmer van de hammam of in het aromastoombad, jezelf of een vriend of vriendin schoon schrobben in de scrub room, bubbelen in de jacuzzi-met-waterval of je buiten laten onderkliederen met heilzame modder. Dan lekker loungen op een ligbedje aan het reusachtige zwembad met baaizicht en licht lunchen op het teakhouten terras met tijgergarnalen, gegrilde mahi-mahi of een miniburger. Wel bijtijds een tafeltje reserveren – de Bayside Grill is een hotspot; rond lunchtijd komt men met speedbootjes massaal overvaren vanuit Miami Beach.

Ik kies bij een spabezoek meestal voor een lichaamsmassage; languit onderuit en strelen en kneden maar. Therapeute Susie adviseert me iets anders: The Standard Custom, een gezichtsbehandeling waar extracten van groene thee, vitamine A en E plus allerhande biologische smeersels aan te pas komen. Ik ga plat op de zachte massagetafel, Susie knipt een operatielamp aan om mijn huidtype en probleemplekken te bestuderen en ze gaat aan de slag. Nooit geweten dat een facial zó ontspannend kon zijn. Na een uur ben ik rozig en zwalk ik slaapdronken naar buiten, met blosjes op mijn wangen zo zacht als babybilletjes, en op een chaise longue in de verduisterde relaxkamer kom bij een glas groene thee langzaam terug op aarde. Hier zou ik het wel een weekje uithouden.

Fifth Avenue South
Kan niet, want snel terug naar South Beach. Daar wacht een shopping spree – dankzij de kredietcrisis is de dollar niks meer waard en dus is het hier voor Europeanen spotgoedkoop. Is het ook nog uitverkoop, kosten die overhemden, merkspijkerbroeken en sneakers al helemáál niks meer – niet shoppen zou oliedom zijn. Miami heeft een overweldigend winkelaanbod, met vlaggenschipwinkels van fijne merken die nog niet in Nederland zijn neergestreken, zoals Abercrombie & Fitch en Banana Republic.

Op Collins Avenue, direct achter Ocean Drive, sla ik mijn slag bij Diesel, Adolfo Dominguez en Kenneth Cole, maar de leukste winkelstraat van South Beach is Lincoln Road. Die ‘Fifth Avenue of the South’ is ellenlang en loopt helemaal van de Atlantische Oceaan naar de Biscayne Bay. Voor lingerie naar Victoria’s Secret, voor designspeelgoed naar Genius Jones, voor chique jurkjes naar Anthropologie, voor koffietafelboeken en koffie met taartjes naar Books & Books en voor jeans naar Lucky Brand of FCUK.

Lincoln Road is autovrij en uitgerust met cafés en restaurants om tussendoor even uit te blazen en alles is tot ’s avonds laat open, dus dat winkelt prettig. Maar wie nog meer keuze wil, stapt in de taxi naar Florida’s flonkerendste megawinkelcentrum, Aventura Mall. Hier zitten Abercrombie, Barneys, Cole Haan, Hollister en Urban Outfitters bij elkaar op schoot, plus nog een paar honderd winkels op drie verdiepingen en megawarenhuizen als Macy’s, Sears en Bloomingdale’s. Tel uit je winst.

Stappen in SoFi
South Beach was twee decennia geleden nog een no-go area, maar daar is niks meer van te merken. Op Ocean Drive schuiven de blinkende bolides voorbij, het strand ligt en de terrassen zitten vol. Het zuidelijkste puntje, ten zuiden van Fifth Street, is het laatste stukje South Beach dat een makeover kreeg. Een uitgestrekt stadspark kwam er, flonkerende lofts en glimmende hotels met zeezicht, een prachtig stil strand, sterrenrestaurants en loungy beachclubs die niet zouden misstaan in Saint Tropez, alles bij elkaar op een taartpunt van vijf blokken. Ineens is dit het hipste stukje van Miami en daar hoort een hippe afkorting bij – South of Fifth werd dus SoFi.

Jarenlang was er maar één plek waarvoor Miamians de tocht naar die aftandse taartpunt maakten: Joe’s Stone Crab, waar sinds 1913 de lekkerste zwarte steenkrab van Florida wordt geserveerd. Vernuftige beestjes: ze worden opgevist, de scharen worden afgehakt, de krabben gaan terug groeien doodleuk weer nieuwe scharen aan. Gerecyclede krabben zijn het dus eigenlijk, maar o zo verrukkelijk. Dan uitbuiken op de pier bij het park, zwaaien naar de passagiers op de kolossale cruiseschepen die hier rakelings langsvaren en dan nog even zonnebakken op het witte zandstrand, totdat bij het uitzicht op de wolkenkrabbers van Miami Beach de zon zachtroze in zee zakt.

Overdag is het stil in SoFi, maar chic. Er wordt geluncht bij Smith & Wollensky in het park, gelounged rond het zwembad van La Piaggia Beach Club, geborreld met wijn en oesters bij Monty’s Raw Bar en op het strand wordt geyogaad. ’s Avonds komt SoFi tot leven: restaurants als Nemo en Prime zitten tjokvol, terwijl in de beachclubs de zonnebedjes opzij worden geschoven. Bij Nikki Beach, dat na Saint Barth, Marrakesj en Marbella ook hier een filiaal heeft, wordt het rode koord opgehangen voor de drommen hippe types die vanavond in de bijbehorende boudoirachtige club O1 worden verwacht. Ik ben dan wel op het zuidelijkste puntje, maar het blijft toch South Beach – ook hier wordt er gefeest alsof morgen niet bestaat. Tonight’s gonna be a good night.




Tekst en fotografie: Sander Groen



Vragen? Opmerkingen? Aanvullingen? Reageer!

naam
e-mail
reactie


Reacties

Nog geen reacties.